Berouw en vergeving vragen
قَالَ رَسُولُ اللَّهِ صلى الله عليه وسلم: ((وَاللَّهِ إِنِّي لأَسْتَغفِرُ اللَّهَ وَأَتُوبُ إِلَيْهِ فِي الْيَوْمِ أَكْثَرَ مِنْ سَبْعِينَ مَرَّةٍ)).
(De Boodschapper van Allah zei: ‘Bij Allah, ik vraag Allah om vergeving en keer berouwvol tot Hem terug, meer dan zeventig keer per dag.)
وَقَالَ صلى الله عليه وسلم: ((يَا أَيُّهَا النَّاسُ تُوبُوا إِلَى اللَّهِ فَإِنِّي أَتُوبُ فِي الْيَوْمِ إِلَيْهِ مِائَةَ مَرَّةٍ)).
(Hij zei ook: ‘O mensen, toon berouw! Voorwaar, ik keer honderd keer per dag berouwvol terug tot Allah.)
وَقَالَ صلى الله عليه وسلم: ((مَنْ قَالَ أَسْتَغْفِرُ اللَّهَ الْعَظيمَ الَّذِي لاَ إِلَهَ إِلاَّ هُوَ الْحَيُّ القَيّوُمُ وَأَتُوبُ إِلَيهِ، غَفَرَ اللَّهُ لَهُ وَإِنْ كَانَ فَرَّ مِنَ الزَّحْفِ)).
(Hij zei ook: ‘Wie zegt:(Ik vraag Allah om vergeving, buiten Wie niemand het recht heeft aanbeden te worden behalve Hij, de Levende, de Zelfbestaande en Onderhouder van alles, en ik keer berouwvol tot Hem terug.) Allah zal hem vergeven, ook al was hij iemand die op de vlucht sloeg tijdens het oprukken van een leger.)
وَقَالَ صلى الله عليه وسلم: ((أَقْرَبُ مَا يَكُونُ الرَّبُّ مِنَ الْعَبْدِ فِي جَوْفِ اللَّيْلِ الآخِرِ فَإِنِ اسْتَطَعْتَ أَنْ تَكُونَ مِمَّنْ يَذْكُرُ اللَّهَ فِي تِلْكَ السَّاعَةِ فَكُنْ)).
(Hij zei: ‘Het dichtst bij Zijn dienaar komt de Heer in het midden van de nacht; als je dus in staat bent tot degenen te behoren die op dat moment aan Allah gedenken, doe dat dan.)
وَقَالَ صلى الله عليه وسلم: ((أَقْرَبُ مَا يَكُونُ الْعَبْدُ مِنْ رَبِّهِ وَهُوَ سَاجِدٌ فَأَكثِرُوا الدُّعَاءَ)).
(Hij zei ook: ‘Het dichtst bij zijn Heer is een dienaar wanneer hij zich neerwerpt, doe dus veel smeekbeden daarin.)
وَقَالَ صلى الله عليه وسلم: ((إِنَّهُ لَيُغَانُ عَلَى قَلْبِي وَإِنِّي لأَسْتَغْفِرُ اللَّهَ فِي الْيَوْمِ مِائَةَ مَرَّةٍ)).
(Hij zei ook: ‘Voorwaar, mijn hart raakt bezig gehouden en voorwaar, ik vraag Allah honderd keer per dag om vergeving.)(bezig gehouden: d.w.z. in een staat van ‘vergeetachtigheid’. De Profeet nam altijd toe in zijn gedenken van zijn Heer, in het bereiken van nabijheid tot Allah en in bewustzijn van Allah, in die mate dat als deze intensiteit op enige wijze afnam, hij dat als een zonde beschouwde en zich haastte om Allah om vergeving te vragen.)